Koning naar Suriname: het staatsbezoek dat er móest komen (HP/DeTijd)
- Kemal Rijken
- 24 nov
- 5 minuten om te lezen
Een langzame trein die uiteindelijk vrij laat in versnelling kwam en die ervoor zorgde dat het staatsbezoek aan Suriname er met stoom en kokend doorheen moest. Dat is de indruk die tot nu toe bestaat van de reis die koning Willem-Alexander volgende week maakt. Een reconstructie van de aanloop naar een staatsbezoek dat er móest komen.
Kemal Rijken
Met een zwart mondkapje om stapt Chan Santokhi door de ingang van Paleis Noordeinde. Het is 8 september 2021. Middenin de coronatijd brengt de Surinaamse president een werkbezoek aan Nederland, voor het voormalige wingewest nog steeds het belangrijkste buitenland. Na tien jaar van bekoeling onder voorhanger Desi Bouterse is het tijd voor een nieuwe start in de relatie, die vanwege het koloniale verleden zo bewogen en bijzonder tegelijk is.
In politiek Den Haag wordt Santokhi met open armen ontvangen. Hij maakt indruk met toespraken, onder meer in de Ridderzaal, en tijdens een persmoment met VVD-premier Mark Rutte, waar hij de journalisten charmeert. Nu hij bij de koning komt, heeft hij een oranje das om. Het bezoekje is gemoedelijk en oogt enigszins informeel. Volgens Santokhi heeft Willem-Alexander een speciale band met Suriname, want hij is er verwekt.
Hoe zit dat? Op hun huwelijksreis deden prinses Beatrix en prinsgemaal Claus in 1966 Paramaribo aan, wat op het moment van bezoek negen maanden voor de geboorte van Willem-Alexander was. Volgens ingewijden zou het ‘doelpunt’ tijdens een bezoek aan Moengo zijn gescoord. Of de romantiek echt tot tropische temperaturen gestegen is, behoort tot het geheim van Huis Ten Bosch, maar Santokhi gaat er prat op. Hij heeft ook iets meegenomen: een uitnodiging voor de koning om op staatsbezoek te komen.
Een staatsbezoek is het hoogst denkbare bezoek tussen twee bevriende landen. Nederland neemt Santokhi’s uitnodiging aan en vanaf dat moment komt een langzame trein in beweging. Immers, pas ‘na corona’ kan er een staatsbezoek plaatsvinden. Maar wat is dan het juiste moment? Iedereen kijkt naar 2025, het jaar waarin Suriname op 25 november zijn vijftigjarige onafhankelijkheid viert. Hoe mooi zou het zijn als de koning op die dag of op zijn minst in dat jaar langskomt.
Over hoe die onafhankelijkheid tot stand kwam, zijn inmiddels boeken volgeschreven (aanrader is Suriname, van wingewest tot natiestaat van Jan Pronk, KR) maar even interessant is het om te kijken naar waaróm het allemaal zo lang moest duren voordat er überhaupt een Nederlands staatsbezoek kon plaatsvinden. De roerige geschiedenis van de Republiek Suriname en de moeizame verhouding met Nederland spelen daarin een prominente rol.
In 1978 deed koningin Juliana de ex-kolonie aan. Dat was meteen het eerste en laatste staatsbezoek. De staatsgreep van 1980, de Decemberboorden van 1982 en de voortdurende dominantie van Bouterse in de politiek zaten namelijk een staatsbezoek van haar opvolger Beatrix in de weg. Nota bene werd de ex-couppleger in 2000 bij verstek veroordeeld voor drugshandel. Dat was de doodssteek, want volgens het protocol kan de monarch niet bij een veroordeelde crimineel te gast zijn. Dat later ook Ronnie Brunswijk bij verstek werd veroordeeld, bleek eveneens sta-in-de weg: hij was vanaf 2020 de vicepresident. Intussen was Beatrix al opgevolgd door Willem-Alexander.
Het symbolisch belangrijke jaar 2025 naderde, maar toch kwam de kosmos nog goed te staan. Bouterse overleed eind vorig jaar en werd opgevolgd door Jenny Simons. In mei won zij de verkiezingen van Santokhi en vervolgens kwam er een regering zonder Brunswijk. Wel doet zijn partij ABOP er aan mee en zit hij in het parlement, maar de koning is niet verplicht om de hand van elke parlementariër te schudden.
Los daarvan bleef lang boven de markt hangen of president Simons de koning wel over de vloer wilde hebben. Pas eind september gaf zij in een persconferentie aan dat achter de schermen aan een staatsbezoek werd gewerkt en dat de wil er was.
Ook de koning wilde graag, zo liet hij eerder aan mij weten in de tuin van Paleis Huis Ten Bosch. Hij zei te hopen dat het hem gegeven zou zijn het land ooit te bezoeken. Hij wil het land met eigen ogen zien, op dezelfde manier zoals zijn moeder dat ooit deed voordat ze koningin was. Maar wanneer dat is, dat weet ik niet, aldus Willem-Alexander. Ondertussen was de trein voor het staatsbezoek al bijna vier jaar aan het rijden.
De trein kwam even tot stilstand door de machtsoverdracht in Suriname: officieel moet een nieuw staatshoofd een nieuwe uitnodiging voor een staatsbezoek sturen. Jennifer Simons wilde de koning ontvangen en stuurde de nieuwe uitnodiging in de nazomer, waarna de trein in een versnelling kwam. Eind september verklaarde ze dat het staatsbezoek er zou komen.
De organisatie ervan is, zeker in een druk jaar als 2025, echter geen sinecure: Suriname heeft door de jaren heen een behoorlijke armoedeval doorgemaakt en critici betwijfelen of de regering in staat is om zo’n prestigieus bezoek zonder problemen te laten verlopen. Mede daarom doemde de vraag op: zou een staatsbezoek voor het einde van dit magische jaar nog wel mogelijk zijn?
Alleen al het prikken van data bleek lastig. Moest de koning voor, tijdens of na de onafhankelijkheidsviering komen? Voor de autoriteiten is die viering an sich een organisatorische uitdaging en ook zouden de Oranjes deze dag met hun aanwezigheid kunnen overschaduwen. Maar er werd een oplossing gevonden: demissionair premier Dick Schoof is bij de onafhankelijkheidsviering in Paramaribo en Willem-Alexander komt volgende week. Voor zijne majesteits afwezigheid wordt een procedurele reden aangehaald: hij moet in Amsterdam zijn om het nieuwe Suriname Museum te openen.
In aanloop naar 25 november was het niet mogelijk om Willem-Alexander op bezoek te hebben en symbolisch gezien was de week van 8 december onhandig vanwege de herdenking van de Decembermoorden. Uitwijken naar 2026 dan? Naar het schijnt wilde Nederland perse dit jaar langskomen vanwege de symboliek en om te kunnen meeliften op de media-aandacht voor de onafhankelijkheid. Momentum is alles. Het bezoek vindt zodoende van 1 tot en met 3 december plaats.
Met man en macht is gewerkt aan het programma, waarvan de lengte lang een vraagteken was: duurt het staatsbezoek drie of vier dagen? En zit een trip naar het binnenland er dan in? Het waren belangrijke afwegingen, alleen al omdat de opperhoofden – granmans – van de Marrons de koning daar wilden ontmoeten. Gehoopt wordt dat hij (opnieuw) excuses zal aanbieden voor de slavernij. Om dat in het binnenland te kunnen doen was een dag extra nodig, maar die komt er niet omdat president Simons op 4 december in het buitenland is.
Het is daarom een staatsbezoek van drie dagen geworden dat zich vooral in en rond Paramaribo zal afspelen. Andere belangrijke plaatsen zoals Nickerie – het centrum van de rijstsector – of het Brokopondo-stuwmeer worden eveneens niet aangedaan. Logistiek gezien is dat handig: door de matige infrastructuur duurt het namelijk uren om jezelf over de weg te verplaatsen en ook is het Nederlandse regeringsvliegtuig te klein om de hele delegatie te vervoeren.
Per konvooi zullen de koning en zijn entourage door het bloedhete Paramaribo – het is er gemiddeld 35 graden met een luchtvochtigheid van 92 procent – trekken, mogelijk met juichende menigten langs de kant. De hitte is er al, want in aanloop naar het staatsbezoek hebben diplomaten en ambtenaren alles er met stoom en kokend water doorheen moeten duwen. Zo ging er pas half november een verkennende missie naartoe en kwam het programma pas eind vorige week rond. Bij staatsbezoeken aan andere landen is zo’n missie veel eerder en wordt het schema van een staatsbezoek zes weken van tevoren bekend. De wil en druk om dit staatsbezoek te laten slagen zijn groot. Niet alleen vanwege de symboliek, maar ook omdat Suriname economisch gezien kan gaan groeien door de vondst van olie en gas voor de kust. Nederland wil die boot niet missen. Tegelijkertijd kijkt het voormalige wingewest nog steeds naar ons, alleen al omdat een derde van de Surinamers hier woont. Voor velen van hen blijft de band met het moederland sterk.
Het staatsbezoek aan Suriname staat nu al te boek als het staatsbezoek dat er móest komen. Nou maar hopen dat er geen bananenschil op de rails van de denderende trein ligt.




Opmerkingen